Wat wilde ik graag worden,
piloot, brandweerman en soms
Pastoor
geen Generaal of Admiraal
en ook geen President,
geen zuur versleten man
door het leven zo gemaakt
nooit kind zijn heeft gekend.
Nee, liever ook geen arts
geen Dominee
of Kastelein
die zelf het spoor nog zoeken
en ons willen wijzen
de een heeft vaak 'n bord gemist
zich in het pad vergist
de ander kent de prijzen.
Meisjes waren in mijn beeld
niet compleet geboren
de God van Pastoor
of Dominee
was daarbij wat vergeten
dat wat voor ons belangrijk was
en toen nog onvolwassen toch
een piemeltje mocht heten.
Soms als ik eens dringend moest
en ik moest gaan zoeken
was ik jaloers
zelfs kwaad
haar rokje ging snel omhoog
mijn knoopjes vaak niet los
haar straal ging in een rechte lijn
de mijne met een boog.
Terugkijkend stel ik vast
wat ik nooit ben geworden
geen piloot
geen brandweerman
gelukkig geen pastoor
toch, ik verzuurde niet bijzonder
ook werden meisjes vrouw
en wat ik dacht dat hij vergeten was
bleek later een Gods Wonder!
Berlia



Melancholie
Onderweg thuis