Wij zijn
Reisverslagen
Berlia
Foto's
Gastenboek

Welcome to our site.
Verhalend Reizen
Reizend Verhalen.
Reis April 2012
Reis najaar 2011
Reis aug.2011
Reis Frankrijk juni 2011
Frankrijk sept.2010
Midden Nederland 2010a

Frankrijk sept.2010


    
                                                                                  

Doordat we nog enkele feesten in de familie moesten bezoeken konden we
voor onze najaar reis pas op maandag 6 september vertrekken.
Nee, voor een najaarsreis niet te laat maar de weersvoorspellingen voor
de eerste periode waren niet al te best voor een start in noord
Frankrijk, De Maasvallei.
De reis naar Stenay, net over de grens van Belgie naar Frankrijk was als
eerste stop gepland.
Door enkele omleidingen in de omgeving van Waveren raakte de TomTom maar
ook wij aardig de draad kwijt.
Na drie keer de zelfde drie kilometer gereden te hebben kwam we na bijna
45 minuten eindelijk weer op de goede route.
Vandaar liep het allemaal weer voorspoedig en !!! de zon scheen volop.
De camperplaats in Stenay was van alle gemakken voorzien dus nu maar
hopen dat we er zouden kunnen fietsen.                 
 
De volgende dag, het regende vanaf s’ morgens bijna de hele dag, wat
fietsroutes gehaald bij de Tourist info.Naar bleek dezelfde mevrouw ons
te helpen die ons ook op de camperplaats had geholpen.
Fietsen was er die dag dus niet bij. Misschien dan morgen!
Ook die volgende morgen, woensdag dus, begon weer met regen en de
donkere wolken werden alleen maar zwarter en zwarter.
Het werd dus even wat op en neer lopen tussen de buien door.
Wat bij die korte wandelingen al wel opviel was dat geen fietspad te
zien was en dat de routes vanuit Stenay allemaal over lokale en
nationale wegen liepen.
Naast elkaar rijden was dus al zeker uitgesloten, maar de frequent over
de weg daverende vrachtauto’s met bomen ontnamen ons ook de zin om te
fietsen.
We besloten de volgende dag, donderdag 9 september om eerst met de
camper naar  Verdun te rijden en daarna een andere camperplaats op te
zoeken.
In Verdun bezochten we de Citadelle souterraine. Een ondergrondse,   
 gangenstelsel uit de 1e wereldoorlog.
In deze ondergrondse wereld  waren destijds een groot aantal van de
Franse tropen ondergebracht om te vechten tegen de Duitsers.
Rondrijdend op een karretje beleef je de manier van leven van de
soldaten daar destijds.
Alles was onder de grond aangebracht: het Lazaret, de bakkerij, de
keuken en dan nog alle noodzakelijke militaire voorzieningen.
Steeds onderweg met het karretje worden door echte figuren het leven van
toen nagespeeld.

Al met al een zeer indrukwekkend bezoek wat wij iedereen die in de buurt
komt of is, kunnen aanbevelen.
We wandelden hierna nog even door Verdun zelf waarna we weer vertrokken.
We besloten te rijden naar camperplaats Pre le Saonier in Borre. Een
klein dorp aan de Saone.
We reden de afstand van zo’n175 km vanaf Verdun in tweeeneenhalfuur.
We meden inderdaad de tolwegen en reden dus rustig over alle dorpen en
dorpjes.
De camperplaats zelf was zoals omschreven in de gids van de KCK, dus prima.
In het restaurant besloten we de dag met een heerlijke visschotel voor
een zee vriendelijke prijs.
Nog een pluspunt: de mevrouw in het restaurant, dus ook de beheerder van
de camperplaats spreekt Nederlands.
Mijn gebrabbel, aangevuld met wat gebarentaal kon dus achterwege blijven.
Vanaf de aankomst scheen ook weer volop de zon!

De opvolgende dag, vrijdag scheen weer volop de zon en met zo’24 gr. was
het heerlijk buiten zijn.
Ondanks dat er nergens een fietspad viel te bespeuren besloten we toch
om maar op te stappen.
Er stonden wel steeds kleine bordjes met de aanduiding hoe per fiets
naar het volgend dorp te rijden.
Wel langs de rijweg dus maar waarschijnlijk was alles overal nog in
diepe rust want snelverkeer was er maar mondjesmaat.
Dat was dus geen enkel probleem.
Toen we, inmiddels drie gehuchtjes verder een rustpauze namen hadden we
een deel van het traject, heuvelop, lopend afgelegd en heuvelaf met,
zoals de Belgen zeggen; verdapperde snelheid.
In de dorpjes waar we doorheen kwamen stonden wel regelmatig auto’s met
een Nederlands kenteken voor de deur.
Vakantiehuis of huisje in Frankrijk!?
Waarom ook niet, de omgeving is zeker de moeite waard al zijn de
dorpjes, gehuchten dus, wel erg uitgestorven!
We besloten om in elk geval nog een dag te blijven en zondag weer verder
te trekken.
Waarheen?
Waarschijnlijk Sens, even boven Auxerre.
De zaterdag wandelden we, temperatuur zo ‘n, 28/29 gr. langs de Soane.
        
Het vertrek was volgens afspraak op zondag alleen de bestemming hadden
we, zonder dringende reden maar louter impulsief verandert in
Chatel-Cesoir ca 40 kom onder Auxerre.
Als tussenstop reden we echter eerst naar Vezelay een plaatsje wat op de
werelderfgoedlijst van Unesco is geplaatst.
    
Vesalles Chatel
We konden de camper prima plaatsen op de speciale camperplaats buiten
het plaatsje.
Kosten € 3,00.
Het was duidelijk dat wij niet de enige bezoekers waren want het was er
een gezellige drukte.
Het belangrijkste is echter dat heel duidelijk wordt waarom het op die
erfgoedlijst is terechtgekomen.
De hele plaats straalt historie.
Prachtige panden, vooral bewoond door schilders en andere kunstenaars of
mooie winkeltjes.
Het is een lange straat die wat kronkelend steil naar boven loopt met
aan het einde een enorme kathedraal.
Groot dus maar vooral heel sober.
Indrukwekkend dus, als het hele plaatsje.
Jammer genoeg begon het na een tijd te regenen waardoor we eigenlijk te
snel weer de camper moesten opzoeken.
Vervolgens vertrokken we naar de geplande eindbestemming Chatel.
Het is inderdaad een eenvoudige camping zoals ook werd aangegeven in het
boek van NKC maar de ontvangst was vriendelijk.
De Franse nonchalance bleek wat later.
De campingeigenaar beloofde op ons verzoek om voor wat Frieten te zorgen.
Of hij die wilde halen of zelf
klaar maken was de vraag maar met ’n
uurtje zouden we kunnen eten!
Toen we, inmiddels ruim 2,5 uur later nog geen frieten hadden gezien
maakten we toch maar een ordinaire boterham.
Vers was het brood niet helemaal meer maar vooruit het moest maar!
De campingbaas zelf zagen we die avond niet meer.
                                                                            

De volgende dag, maandag de 13e sprak ik de man weer om meteen de
wasmachine te reserveren.
Nee, niet dat ik de was wilde doen maar Lia!
Op mijn; bedankt voor de frieten! Schrok hij niet eens zo erg!
Helemaal vergeten was zijn antwoord. Het was zo druk geweest op het terras!
Meer dan twee gasten hebben wij niet gezien maar ach, we lachten er maar
mee. Ook dat moet tenslotte kunnen!
‘middags gefietst.
We hadden vastgesteld dat er langs het kanaal wat voor de camping langs
liep een prima fietspad lag.
Bij navraag bleek dat door te lopen tot aan de ene kant Auxerre en aan
de andere kant waarschijnlijk
Corbignie.
Volgens de campingbaas zou het mooiste parcours zijn in de richting van
Auxerre.
Niet dat we overwogen dat hele traject, zo’n 50 km waarschijnlijk, af te
leggen maar we begonnen zonder te bepalen hoe ver.
Het kanaal, Canal de Nivernait, loop deels parallel aan de Yonne en op
andere stukken gaan de rivier en het kanaal in elkaar over.
Het kanaal wordt wel bevaren en om de paar kilometer is er dan weer zo’n
typisch sluisje elk in een andere kleur geschilderd.
Net als de rivier kronkelt ook het kanaal door de omgeving en is
daardoor ook erg afwisselend.
                                       
                
De omgeving trouwens ook want het landschap wisselt steeds van hoge
kalkrotsen naar weilanden en glooiende heuvels.
Echt schitterend en we genoten dan ook volop.
Het moet gezegd, het weer deed mee om het geheel zo aantrekkelijk te maken.
We reden tot aan het plaatsje Mailly la Ville, zo’n 18 km vanaf de camping.
Al is er ook een andere route te rijden, wij besloten dezelfde route ook
terug te nemen.
Het blijft ook dan steeds nieuw en bijzonder aantrekkelijk.
Voor wie van fietsen houd, en waarvoor de klimmingen al snel te hoog
zijn, is dit echt een aanbeveling.
Wij besloten in elk geval nog een paar dagen te blijven.

De voor dinsdag in gedachten genomen treinreis naar Auxerre lieten we
bij nader inzien vervallen. Het bleek dat we vanaf het station nog twee
kilometer moesten lopen naar het centrum en dat vonden we wel wat te ver.
We namen dus de fiets en reden weer langs het kanaal maar dan nu in de
richting van Clamency.

Het 1e sluisje waar we weer aankwamen was een bezienswaardigheid op zich.
Links en rechts en in de tuin van het sluiswachtershuisje overal beelden
en bloemen. Heel veel beeldjes en heel veel bloemen.
Heel veel sprookjes waren in beelden uitgezet. Werkelijk bijzonder om te
zien.
Trouwens alle sluisjes zijn wel met bloemen opgesierd maar deze overtrof
alles.
Na de bezichtiging reden we weer verder al bereikten we ons doel,
Clamency niet helemaal.
In Crain liep het fietspad langs het water even niet verder en moesten
we een stevige beklemming overwinnen.
Het plaatsje verderop gaf weer hetzelfde probleem. Weer moesten we
omhoog het dorp in en even er doorheen liep de weg weer flink naar beneden.
We beseften echter dat we die bult terug ook weer op moesten dus we
keerden vanaf daar liever terug.
Twee beklimmingen vonden we voor die middag wel genoeg.
Weer terug op de camping, het was tegen vier uur, vroegen we aan de
campingbaas of we nu dan wat later nu wel op het terras wat konden eten.
Natuurlijk! Graag zelfs zei hij.
Het moet gezegd dat zijn vrouw veel minder enthousiast toekeek.
Hoe laat dan; vroegen we?
Half acht zei hij. Frieten met Stroganoff en Salade. En uiteraard een
fles wijn!
Prima dus!
                
Het werd uiteindelijk toch we acht uur voor we werden opgediend maar de
manier waarop was wel speciaal.
Zoals de man vertelde was het kokkerellen voor hem meer een hobby dan
dat het wat moest opleveren.
Hij deed het alleen als hij dacht de gasten er een plezier mee te doen!
Het moet gezegd, de hele entourage is niet toegesneden op een culinaire
ervaring maar de man was zo enthousiast dat dat alleen al alles goed maakte.
Toch, ook het eten met een uitgebreide saladeschotel, een schaal frieten
waar vijf mensen van konden eten en uiteraard de bouf, het was allemaal
heerlijk. Althans voor diegene die ook van tomaten houd. Ik dus niet,
maar door zijn enthousiasme durfde ik het niet aan om niet de helft in
elk geval op te eten.
Nee, hij offreerde er geen veel te dure fles Chablis bij maar een fles
goede Bordeauwijn.
We vonden dat hij in elk geval zelf maar een glas mee moest drinken.
Toen we de volgende dag vertrokken moesten we voor drie nachten staan €
30,30 afrekenen en voor het eten € 24,00 inclusief de fles wijn.
De helft daarvan heb ik de aardige man maar zelf laten nuttigen, en een
aardige fooi vonden wij toch zeker op zijn plaats.
We werden nog wel enthousiast uitgezwaaid alsof wij hem een plezier
hadden gedaan met ons bezoek.
Genoeg was het inmiddels gaan regenen.
We reden naar Gurky net boven Auxerre zodat we eventueel nog op de fiets
een bezoek aan die stad konden brengen.
Dan moest het echter wel eerst droog worden!

We stonden een nacht op de camperplaats te Gorkey.
De voorzieningen zijn er, ondanks de aanwezige sanizuil slecht.
Het toilet kan wel worden geledigd maar zelfs voor het naspoelen moet
eerst in een restaurant, 500 mtr verder een munt worden gekocht.
Het betekende dat we het bij een overnachting hielden en dus donderdag de
 16e september vroeg weer vertrokken met bestemming Saint Avertin en de
camping Les Rives du Cher.
Een afstand van 254 km zonder autoweg maar toch heel ontspannen.
Inclusief winkelen onderweg en een rustpauze reden we de afstand in 5 uur.
Heel ontspannen.
Een drie sterren camping maar dat dan ook alleen vanwege de ligging op 4
km van Tours.
De plaatsen voor de camper zijn prima maar de toiletten om te huilen.
Dan maar liever het eigen toilet gebruiken.
De Douches zijn weliswaar schoon maar verder wel onverzorgd.
De ligging maakte voor ons het voor enige dagen draaglijk omdat we nu of
per fiets of per bus Tours kunnen gaan bezichtigen.
     
Vrijdag, nadat we Donderdag ’s avonds PSV gelijk hadden zien spelen
tegen . . . . . . , namen we de bus naar Tours.
Een ritje dat ons voor € 1,30 middenin het centrum afzette.
Tours staat vermeld als een bezienswaardige stad en dat is dan ook
helemaal waar.
                
Het is een prachtige stad met heel veel monumentale gebouwen.
Het Hotel de Ville, De Dom St Martin en de Kathedraal, het is allemaal
indrukwekkend.
Het kostte ons dan ook geen enkele moeite om een groot gedeelte van de
dag daar door te brengen.
Zeker niet nadat we op een groot terras uitgebreid hadden genoten van de
Plat des Jours.
Heerlijke Vis met vooraf nog een Vispate.
Weer terug op de camping nog even buiten gezeten want het weer bleef prima.
                      
Zaterdag besloten we een aangegeven route langs de Loire te fietsen.
Dat bleek een stukje langs de Loire te zijn en daarna al snel langs een
drukke weg waar de vouwen uit je broek werden gereden.
Dan maar weer terug en de brug over naar het buitengebied van Tours.
Daar is een enorm terrein met o.a. Ikea en CareFour.
Een enorm grootte supermarkt.
We hadden maar enkele kleine dingen direct nodig maar zoek die dan maar
eens in zo’n enorm pand.
Wel kochten we wat ingrediënten om ’s Middags buiten te wokken.
Wel stond al vast dat we de volgende dag, zondag zouden vertrekken.
Maar zien waar die dag ons wilde brengen!
Nog die zaterdag kwamen mensen uit Bladel, dat bleek in het gesprek dat
zij begonnen, die aan het rondkijken waren ze volgend jaar met hun
caravan naar toe zouden gaan.
Het bleek dat ze zelf tot zaterdag hadden gestaan op camping Les Saules
in Cheverny, zo’n 70km terug.

Of verder, hoe je het ook bekijkt. Net onder Blois in elk geval.
Zij vertelden dat daar verschillende mooie fietsrouten waren en allemaal
vlak tot redelijk vlak.
Ze hadden een kaart waaruit bleek dat tenminste drie van die routes
prima vanaf Cheverny te fietsen.
Afstanden van 25 tot 40 km.
We wilden graag fietsen dus we namen hun idee  over en vertrokken
zondagmorgen naar Les Saules.

Daar aangekomen bleek het inderdaad zoals ze hadden verteld een prima
camping met uitstekende sanitaire voorzieningen En ja; ook de ACSI
korting was hier van toepassing.
Het installeren van de TV antenne gaf wel even een probleem. Teveel bomen.
Aan de rand van de camping stonden we echter prima en konden we in elk
geval ’s avonds de voetbaluitslagen volgen.
Na gegeten te hebben vertrokken we echter eerst om de eerste route te
rijden. Die voerde door de wijngaarden en was inderdaad prima te fietsen.
Doordat we zelf een keer een bordje hadden gemist, alle routen zijn
prima aangegeven, waren we wel even aan het dwalen maar uiteindelijk
maakten we voor die dag wel onze kilometer. Zo’n dertig.

Maandag 20 september vertrokken we bij mooi weer voor de tweede tocht.
Een natuurtocht met de naam; hertentocht.
Hoe we ook keken, geen hert gezien.
Toch, de route van zo’n 30 km was weer prima te rijden, zelfs voor onze
wat oudere spieren.
Toch, ondanks dat het zeker een aantrekkelijke omgeving was hebben we
wel mooiere routen gereden.
Maar toch wel tevreden zochten we na zo’n drie uur fietsen de camper
weer op.
Voor dinsdag hadden we een bezoek aan het Chateau van Cheverny op het
programma staan.
Op beide tochten waren we er al voorbij gekomen maar nu moesten we het
maar eens nader gaan bekijken.
Via de camping konden we korting krijgen.
                   
  
Dinsdag dus op naar Chateau des Cheverny.
Uiteraard met de kortingsbon van € 1,50 op de totaalprijs van € 11,20.
Dat was dan wel inclusief een tochtje op het “Canal “.
Als deze begin passage wellicht wat teleurstellend over komt, niets is
minder waar!
Het Chateau is compleet ingericht met de prachtigste meubelen,
schilderijen en wat je in een Chateau in glorietijd mocht verwachten.
Het was in een woord schitterend en de entree dan ook dubbel en dwars waard.
Na het Chateau werden we keurig met een electro karretje naar de bootjes
gereden voor een tochtje over het Canal.
Die aanloop liep door het bos met bomen bestemd om regelmatig gekapt te
worden.
Geen lange boottocht maar de rit er heen en de latere wandeling door het
enorme park bezorgden ons in elk geval een zeer goed gevoel.
We besloten het bezoek met een heerlijke lunch in het tegenover gelegen
restaurantje “ Pinokkio “.
Terug op de camping kon Lia nog snel een wasje, zeg liever was, draaien.
Alles was weer schoon dus.
Voor de volgende dag beloofden we ons zelf de 3e route welke vanaf
Cheverny te fietsen is ook nog te rijden.
Die 35 km moest er in elk geval nog bij.
Vooraf kan ik al wel zeggen dat de routes zoals gezegd prima te rijden
zijn en dat het weer ons elke dag weer opnieuw in een prima stemming bracht.
De routen volgens de kaart Les Chateau a Velo met voor ons het deel
Blois, Chamborden leurs environs geeft zo’n 13 routen waarvan wij er
vanaf Cheverny drie reden t.w.nr4 5 en 6.
Zoals al eerder gezegd, route 4 bezorgde ons op de eerste dag wat
problemen doordat we een bordje hadden gemist.
Het meest interessante aan die route waren de kleine gehuchtjes die je
steeds doorkruiste.
De wijnakkers maakten op mij niet zo’n indruk.
Fietsroute 6, die we de dag daarna reden zorgde voor geen problemen maar
vonden we wel het minst interessant.
Overigens zoals gezegd geen hert gezien.
       
Route 5 beloofden we zelf te rijden op woensdag.
Tot nu vonden wij de fietstochten langs de Yone, enkele dagen geleden,
met al die fraaie sluisjes fraaier.
Hier kunnen echter wel vrijwel alle routes gecombineerd worden met een
bezoek aan een kasteel of bijzondere uitspanning.
Wij vonden het bezoek aan het Chateau te Cheverny zo bijzonder dat we
graag dat beeld wilden vasthouden.
Wellicht moeten we onze mening voor wat betreft de omgeving na onze
laatste tocht hier wat herzien.
Dat zal ik dan graag vermelden.  
Het bezoek aan Cheverney zal zo wie zo zeer geslaagd blijven.

Route 5, reden we dus inderdaad op woensdag.
In totaal was deze met zo’n 30 km en een heen en terugweg van zo’n 8 km
voor ons lang genoeg.
En het moet gezegd; voor ons was het de meest afwisselende.
De eerlijkheid gebied te zeggen dat ik op alle ritten toch ook het water
miste!
Ik ben en blijf een echter waterman al geeft mijn geboortemaand aan dat
ik boogschutter zou moeten zijn.
Tochten waarbij weinig of geen water te zien is geven mij altijd een wat
onbevredigend gevoel.
Ik wil nog steeds tenminste  boten zien al geeft dat dan ook wel weer
het gevoel wat te missen.
Natuurlijk de camper beschouw ik als een prima alternatief maar de boot
zal ik altijd wel blijven missen.
Die vrijheid, die rust vind je volgens mij nergens zo als op het water.

Donderdag 23 oktober.
De dag brachten we door op de camping.
Temperatuur was prima om heerlijk buiten te verpozen maar toch waren in
de middag de voortekenen van een bui te zien.
Die bui kwam er dan ook inderdaad al was het in de avond maar het duurde
tot ver in de nacht.
Gelukkig stonden we op een stevige ondergrond dus daarover maakten we
ons geen zorgen.
’s Morgens was het weliswaar droog maar een stuk frisser dan de dag
daarvoor.
Ook bleef het wat donker en stond er vrij veel wind.
We waren echter snel klaar om te vertrekken naar de camperplaats in
Blois waar we de dag en volgende nacht
wilden doorbrengen om de stad te
Als we onze planning niet weer veranderen gaan we morgen richting Honfleur.
Twee jaar geleden waren we daar ook al en dat heeft veel indruk op ons
gemaakt.

bezoeken.
Op de camperplaats, midden in de stad werden we vriendelijk ontvangen
door de mevrouw die, waarschijnlijk namens de VVV on s vertelde dat we
voor € 5 konden staan tot de volgende morgen.
Alles is op de camperplaats, ook trouwens de plaats waar de
toeristenbussen wachten, aanwezig.
Toilet, douche en Saniservice.
Prima plaats.

In tien minuten liepen we naar het Chateau en later door de stad.
We besloten later op de avond, als om 22.00 uur een licht en geluidshow
bij het chateau zou worden gegeven, terug te gaan.

Nee, we hebben de licht en geluidshow niet gezien en gehoord.
Het regende steeds met kleine tussenpozen en we vonden het niet
aantrekkelijk om in die regen, en ook daarbij die frisse avondwind
buiten de show bij te wonen.
Het werd in plaats van, vroeg naar bed om de volgende dag verder te reizen.

Op het programma stond Vimoutiers in Normandie als tussenstop op het
programma.

Zaterdag 25 september.
Doordat we zo vroeg waren gaan slapen betekende het ook dat we al om
zeven uur weer paraat waren en om half acht onderweg.
De 225 km reden we in 3,5 uur. Zoals we ons hadden voorgenomen bij het
begin van de reis namen we ook nu dus weer5 geen tolwegen.
Het betekent wel wat meer tijd maar dat wordt ruimschoots goed gemaakt
door de leuke dorpjes die je doorkruist.
Tot nu hebben we ook nog slechts wegen bereden die we maar beperkt met
ander verkeer moesten delen.
Wat smalle wegen namen we daarbij op de koop toe!
De geplande camperplaats vonden we snel en ook de op 200mtr afstand
zijnde Carrefour supermarkt.
De camperplaats is klein, voor zo’n zeven campers maar voor een nacht
voldoende.
Wel bezochten we in het plaatsje nog wel even het Camembert museum.
Het is een klein museum waarin de apparaten te zien zijn waarmee
vroeger, en deels ook nu nog, de camembertkaas wordt gemaakt.
In een half uur hadden we het wel gezien en brachten dus de verder
frisse middag en avond door in de camper.
Zondag 26 september vertrokken we inderdaad voor de afstand van ca. 65
km naar Honfleur.

Zoals gezegd, twee jaar eerder maakte het stadje op ons al veel indruk
maar toen. In april was het weer niet al te mooi.
Nu kwamen we aan en was het weer nog minder dan toen.
Het waaide stevig en tussendoor regende het ook n og behoorlijk.
Tussen de buien door, gehuld in een wat warmer jack, bezochten we toch
het centrum.
De indruk die het op ons maakte en maakt wordt zo te zien door heel
velen gedeeld want ondanks het weer was het overbevolkt met toeristen.
Al op tijd waren we terug in de camper in de hoop dat het maandag wat
beter weer zou zijn.
We hadden toch voor twee dagen betaald op de camperplaats.
Trouwens van de 180 plaatsen waren er op zondag beslist ook wel 150 bezet.
Met maar veertig stroomaansluitingen hadden wij het geluk wel
aangesloten te zijn.
 
Plaatjes Honfleur
Maandag was het inderdaad aanzienlijk beter gesteld met het weer.
Weliswaar dreven er af en toe nog wel wat donkere wolken over maar de
wind was gaan liggen en regelmatig was er ook de zon.
We wandelden dus weer enkele uren door de stad en besloten tot slot ons
tegoed te doen aan heerlijke Normandische mosselen met friten.
Een heerlijke afronding.
Voor Dinsdag zat een rit naar Le Touquet Paris Plage op het programma.
Een afstand van zo’n 250 km.
    
De camperplaats die we hadden ingegeven aan  tomtom bleek of er niet
meer te zijn of niet te vinden.
Toch zouden bij het Hypodroom ca 100 campers moeten kunnen staan.
Niet dus.
Wij reden dus naar de alternatieve plaats bij de jachthaven.
Het bleek tijdens de rit door Le Touquet inderdaad, zoals een Belg ons
de dag ervoor vertelde.
Het was het heel mondain en waarschijnlijk inderdaad het buitenverblijf
voor de beter gesitueerde Parijzenaars.
Om een niet nader te verklaren reden voelde ik me er niet thuis dus we
vertrokken naar een plaatsje 25 km verderop, Equin Plage.
Volgens de NKC almanak moest daar een bijzonder mooie camperplaats zijn.
Het uitzicht over de zee was er inderdaad mooi maar de voorzieningen
heel pover.
Voor water moest, evenals voor elektriciteit, twee keer € 3,00  worden
betaald. Samen met de € 5,00 voor de standplaats niet echt goedkoop.
De put voor afvalwater en toilet was afgedekt met enkele dwars en scheef
over elkaar gespijkerde plankjes.
Wat nog storender was de naast de camperplaats gelegen water
zuiveringsinstallatie. De reuk was een maar het geluid elk uur ca 15
‘van de pompen enz. was zeer storend.

Woensdag 29 september waren we net na acht uur ’s morgens al op weg.
Op weg naar Bredene in België waar we nog enkele dagen wilde doorbrengen
om daarna weer richting huis te rijden.
We kwamen terecht op camping Jagershorst. Een van de vele naast elkaar
gelegen campings in Bredene. Aan de kust dus.
In de zomer zal het er beslist druk en misschien ook wel gezellig zijn
Maar voor ons was het nu alleen maar bedoeld om in elk geval weer aan
onze eigen taal te wennen en rustig afscheid te nemen van onze reis.
De tweede dag, donderdag 30 dus bleef het zachtjes regenen zodat de
plassen die in de nacht waren ontstaan intact bleven.
Toen het tegen de middag toch nog opklaarde en zelfs de zon nog even
zijn of haar best deed pikten we nog een wandeling langs de kust. Je
kunt daar makkelijk via een hoge brug naar toe.
Het maakte ook meteen duidelijk waarom Bredene waarschijnlijk in het
seizoen zo toeristisch moet zijn;
Het strand is prachtig. Ook of misschien wel juist nu! We liepen er
bijna alleen.
Dus toch nog een tevreden gevoel wat we ook over houden over de totaal reis.
De eerste drie weken hadden we overwegend prima zomerweer en we hebben
mooie plaatsen en steden bewonderd.
De laatste dagen zullen we daarom maar snel vergeten.
Ik ga er hierbij maar vanuit dat de slotetappe naar Vlijmen op vrijdag
hopelijk geen andere concluse noodzakelijk maakt.

Bert
                                                    


Wij zijn
Reisverslagen
Berlia
Foto's
Gastenboek
Onderweg thuis